Op welke manieren houd ik nog vast aan het seksueel misbruiktrauma?

Leestijd: 7 minuten

20:00 – Vorige week wees mijn date mij erop dat ik nog steeds aan het seksueel misbruiktrauma vasthoudt. En daar heeft ze gelijk in. Na 25 jaar houd ik nog steeds vast aan het trauma en ik heb er een aantal sterke overtuigingen over. In dit bericht onderzoek ik een aantal belangrijke overtuigingen die er (mede) voor zorgen dat ik aan het seksueel misbruiktrauma vasthoudt.

Wat is een seksueel misbruiktrauma eigenlijk?

Volgens dr. Gabor Maté is “trauma niet de nare gebeurtenis die mij overkomt, maar de innerlijke verwonding en blijvende splitsing in het ‘zelf’ die daaruit ontstaat. Trauma is dus niet wat er in het verleden is gebeurd, maar wat er als gevolg daarvan binnenin mij is gebeurd.” Prima definitie om mee te werken.

Een traumatische gebeurtenis kan effect hebben op fysiologisch, emotioneel en cognitief niveau, afhankelijk van de soort gebeurtenis en de duur ervan. In de kern is er mijn inziens maar één probleem: het ego. Dit durf ik wel te zeggen na 25 jaar bezig te zijn met het verwerken van seksueel misbruik. Natuurlijk heeft seksueel misbruik bij een kind of jonge tiener ontzettend verwoestende effecten op de levens van deze jonge wezens. En het mechanisme dat heling blokkeert – en dat nog steeds doet bij mij – na een traumatische gebeurtenis, is het ego.

Terugkijkend op 25 jaar traumaverwerking, heeft de allereerste ervaring van seksueel misbruik mijn leven op dat moment volledig op z’n kop gezet. Normaal werd abnormaal en vice versa. Veilig werd onveilig en vice versa. De angst, schaamte, schuld, boosheid, verdriet, verlies van mijn ‘ja’ en ‘nee’ en het aangeven van grenzen, de verwarring rondom mijn seksualiteit, het bezetten van mijn lichaam door de dader, de seksuele imprint van de dader, de walging, het verlies van vertrouwen en veiligheid in de wereld en mijzelf, al deze zake deden hun intrede in een fractie van een seconde in mijn leven, welke direct wordt verdrongen door mijn ego. ‘De verloren seconde’ wordt dit moment ook wel genoemd.

Het schijnt dat als een kind na een seksueel misbruikervaring open is over wat er is gebeurd – en de ouders er adequaat, niet veroordelend en niet paniekerig op reageren -, dat een kind zo’n ervaring binnen 6-12 maanden volledig kan verwerken.

Ik koos er helaas voor om het niet te delen met mijn moeder of iemand anders, omdat ik niemand (meer) vertrouwde. Hierdoor bleef het seksueel misbruik dik 4 jaar doorgaan in een tijd dat ik mijn identiteit ontwikkelde. Dat verdiept de traumatische ervaring en geeft het ego de kans om er een stevige vestiging in de vorm van een identiteit op te bouwen.

Mijn conclusie is dat ik na 25 jaar traumaverwerking nog steeds last heb van een angst- en pijnlichaam en dat ik die vasthoud middels allerlei overtuigingen. Hieronder ga ik ze één voor één onderzoeken en ontkrachten.

1. Ik kan het pijnlichaam niet loslaten

Samen met het angst- en pijnlichaam lijk ik ook mijn seksuele energie te blokkeren. Of misschien zit de seksuele energie ook gevangen in het angst- en pijnlichaam? Ik heb geen idee.

Ik neem interne spanning en stress waar en ik voel emotionele pijn onder mijn navel. Of beter gezegd: ik neem emotionele pijn waar onder mijn navel, omdat ik niet werkelijk voel. Als ik namelijk werkelijk zou voelen, dan zou het angst- en pijnlichaam waarschijnlijk snel oplossen. Ik blokkeer dus de interne energiestromen.

En omdat ik die interne energiestromen blokkeer, ga ik er ook automatisch vanuit dat ik het ook kan oplossen. Ik geloof: ik ben de reden/oorzaak, dus kan ik het ook oplossen (= denkfout).

Ik benader het loslaten van het angst- en pijnlichaam als een probleem vanuit het ego/het denken, maar dat is niet hoe het werkt. Het ego is hard en zorgt voor instandhouding en volharding. Om los te laten is inzicht en zachtheid nodig.

Dus: ik als ego/persoon kan alleen grijpen en vasthouden. Ik als ego/persoon kan niets loslaten omdat het niet in mijn aard zit. ‘Het geheel’ houdt niets vast omdat er a) niets anders bestaat dan het geheel en b) er geen andere kracht bestaat die kan verzetten, tegenwerken of blokkeren.

2. Ik geloof dat ik slachtoffer ben

Ik geloof dat ik een seksueel misbruikslachtoffer ben en dat er iets mis is met mij, dat mijn lichaam is geschonden, dat mij dit is aangedaan, dat ik slachtoffer ben en dat ik de rest van mijn leven met de emotionele pijn, fysieke pijn, spanning en stress moet leren leven.

Het klopt dat mijn toenmalige voetbaltrainer verantwoordelijk is voor het seksuele geweld en het grensoverschrijdende gedrag. Hij was de dader en ik was het slachtoffer. Inmiddels ben ik 25 jaar verder en ben ik nog steeds slachtoffer. Waarom? Omdat ik intern ook de dader ben. Het interne geweld doe ik mijzelf aan. De interne agressie en geweld is onderdeel van mijn identiteit geworden. En ik projecteer het interne geweld op de oorspronkelijke dader en geef hem de schuld ervan, waarna ik als hulpeloos en machteloos slachtoffer overblijf. Ik creëer zelf het drama.

Dus: ik geloof slachtoffer en dader te zijn.

De waarheid is dat ‘ik als geheel’ ongeschonden ben. ‘Ik als geheel’ kan niet kapot of gekwetst of beschadigd worden. ‘Ik als geheel’ ben nog steeds volmaakt, ongeschonden en onbeschadigd, omdat er geen agressor bestaat binnen het geheel. Agressie, geweld, slachtoffer-dader dynamiek is onderdeel van de duale werkelijkheid van het ego. En daarmee een illusie.

3. Ik geloof misbruikt te zijn omdat ik al die interne spanning, stress en pijn ervaar

Ik ken betekenis toe aan de interne stress, spanning, emotionele en fysieke pijn die ik ervaar. Ik neem dit intern waar (gevolg) en bedenk er vervolgens een oorzaak/reden + verhaal bij. Een seksueel misbruiktrauma verhaal met een begin, een probleem en een eind, met mijzelf als persoon/ego in de hoofdrol. Garantie voor persoonlijk drama.

Dus: mijn interne ervaring is geen oorzaak/reden voor, omdat er niets is/bestaat buiten de realiteit hiernu. Mijn hele verleden is verzonnen hiernu. Mijn hele verleden is een illusie, omdat er hiernu geen bewijs is dat het daadwerkelijk is gebeurd (behalve dat anderen hetzelfde geloven). Oftewel, het geloven in het verleden als oorzaak/reden houdt het verleden in stand → vasthouden angst- en pijnlichaam.

4. Ik geloof dat ik onveilig ben in de externe wereld

Ik geloof dat ik onveilig ben in de homowereld. Ik geloof dat andere mannen mij zullen gebruiken en misbruiken, wat in theorie natuurlijk zou kunnen gebeuren naast allerlei positieve ervaringen.

Mijn (interne) gevoel van onveiligheid projecteer ik op de externe wereld en de mannen die daarin rondlopen. Het niet willen accepteren hoe ik mij voel, creëert automatisch interne spanning, stress en onveiligheid, omdat ik geloof dat ik bang moet zijn voor mijn eigen gevoelens.

Dus: ik voel mij niet veilig bij mijn eigen gevoelens. Ik geloof dat mijn eigen gevoelens een bedreiging voor mij zijn, waartegen ik mijzelf moet beschermen → is dat waar?

Verdrongen gevoelens die aan de oppervlakte verschijnen kunnen nogal intimiderend en overweldigend overkomen. Mijn ervaring is dat oude gevoelens intens kunnen zijn, maar dat ik nooit meer te verduren krijg dan ik aankan. Oftewel, het leven doseert de hoeveelheid emotionele energie die ik op een bepaald moment ‘aankan’.

Verder is verdrongen emotionele energie niet gevaarlijk, maar is het juist het ego dat agressief en gewelddadig is richting de emotionele energie. Energie wil van nature stromen en het blokkeren ervan creëert allerlei psychosomatische klachten (die ikzelf ook ervaar). Binnen het geheel wil het energie ‘gewoon’ stromen en bestaan er geen krachten die haar kunnen blokkeren en agressie tegen kunnen plegen. Dat kan alleen in de duale illusionaire werkelijkheid van het ego.

Kortom: er is niets externs of interns om bang voor te zijn. De enige die bang is, is het ego. Het ego is bang om de controle te verliezen en te sterven.

5. Ik geloof dat ik intern weerstand bied aan mijn seksualiteit, lichaamsgevoeligheid, (seksuele) energiestromen en het angst- en pijnlichaam

Ik ervaar veel interne stress, spanning en fysieke en emotionele pijn. Ik geloof dat hier een reden/oorzaak voor is. Ervan uitgaande dat interne vrede en acceptatie mogelijk moet zijn hiernu, betekent dit dat ik als ego/persoon iets geloof. Er is dus geen reden/oorzaak in het verleden, maar één of meer overtuigingen die ik geloof hiernu. Welke?

Ik ervaar dat ik constant intern veranderingen in sensaties en (seksuele) energiestromen aan het waarnemen ben → ik ben bang dat de spreekwoordelijke dijken breken en ik de controle over mijn leven verlies.

Mijn interne leven bestaat uit spanning, stress, emotionele en fysieke pijn. Verder bestaat het uit agressief daderschap en slachtofferschap richting mijzelf. Ik ervaar onmacht, hulpeloosheid, zinloosheid, schuld, schaamte en veel verdriet. Hier de controle over verliezen lijkt mij geen slecht idee en toch ben ik er doodsbang voor. Mijn huidige interne leven zou ik kunnen bestempelen als ‘dood’, aangezien ik weinig positieve gevoelens en plezier beleef. En de controle erover loslaten zou ervoor kunnen zorgen dat ik weer ga ‘leven’.

Ik ben doodsbang om weer seksueel misbruikt te worden door een man. Ik projecteer mijn interne ervaring op de externe wereld en mannen. Het punt is alleen dat ik mijzelf op dit moment misbruik door vast te blijven houden aan het angst- en pijnlichaam. En die angsten en pijnen vervolgens te projecteren op de externe wereld.

Dus: het ego misbruikt zichzelf door zich te verzetten tegen de angsten, pijnen en (seksuele) energiestromen in zichzelf. Het geheel biedt geen weerstand tegen de angsten, pijnen en (seksuele) energiestromen in het lichaam. En projecteert deze bovendien nergens op. Er is namelijk niets.

6. Ik geloof dat mijn angsten en pijnen eerst moeten verdwijnen, voordat ik mij seksueel vrij kan voelen

Ik geloof dat mijn angsten en pijnen mij verhinderen om seksueel vrij te voelen en te kunnen genieten van intimiteit en seksualiteit met mannen → is dat waar?

Ik geloof dus dat mijn seksuele energie ook vastzit in het angst- en pijnlichaam, maar dat is niet waar. Ik ben gisteren naar Bears Amsterdam geweest en ik voelde mij daar erg goed in de masculiene seksuele energie. De overtuiging dat ik geen seksuele energie kan voelen is niet waar.

Ik geloof dat het angst- en pijnlichaam mij tegenhoudt om mij seksueel vrij te voelen in een homobar. Ook dat is niet waar, omdat dit veronderstelt dat mijn seksualiteit en seksuele voorkeuren en seksuele energie allemaal geblokkeerd worden door het angst- en pijnlichaam. Ik als ego/persoon geef het angst- en pijnlichaam de schuld van de afwezigheid van seksualiteit, seksuele voorkeuren en seksuele energie. De waarheid is dat ik (als ego/persoon) daar zelf verzet tegen biedt en mogelijk blokkeer.

En vervolgens stel ik (als ego/persoon) het oplossen van het angst- en pijnlichaam als voorwaarde om mij eindelijk seksueel vrij te voelen. Zo van: eerst moet de oorzaak/reden verdwijnen én dan pas kan ik mij seksueel vrij voelen. Dat is heel smerig van het ego. De waarheid is dat a) er geen weerstand/verzet bestaat tegen het oplossen van het angst- en pijnlichaam, en dat b) ik vrij ben om mijn eigen seksualiteit, seksuele voorkeuren en seksuele plezier te ontdekken.

7. Ik geloof dat er een reden/oorzaak voor de interne weerstand van het ego moet zijn

Ik ervaar interne weerstand, stress en spanning. En ik geloof dat er een goede! reden/oorzaak moet zijn voor het ego. Ik geloof dat als ik die reden/oorzaak weet, dat ik de interne weerstand dan kan oplossen. Ik geloof dus dat als ik het probleem begrijp, ik de interne weerstand van het ego kan oplossen.

Het ego wil begrijpen, snappen en verklaren. Het ego gelooft dat als het meer kennis en inzicht verzamelt, het zijn problemen kan oplossen. Het ego gelooft dat het zijn interne weerstand kan oplossen door de oorzaak/reden te achterhalen → illusie.

De aard van het ego is weerstand bieden en zich verzetten tegen wat is. Daar ligt geen reden/oorzaak aan ten grondslag, behalve dat het zijn natuur is omdat het zichzelf in stand wil houden (ook dit is al een verhaaltje en illusie).

De waarheid is dat er geen probleem is hiernu (allemaal illusie) en er geen reden/oorzaak is voor de weerstand van het ego (het is zijn aard).

De waarheid is ook dat er niets is. De hele interne ervaring van weerstand, gevoelens, emoties, sensaties, spanning, stress is een illusie (nog beter uitwerken). ~ lzv

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *