Het controleren van de toekomst (incl. voorbeelden)

Leestijd: 3 minuten

22:00 -Een aspect van het egomechanisme is dat het de toekomst probeert te controleren. “Als ik krijg wat ik nodig heb, dan…” is onderdeel van de ‘valse hoop’-afweer van PRI-theorie van Ingeborg Bosch. Vandaag vroeg ik een vriend of het controleren van de toekomst onderdeel is van het verleden. Het simpele antwoord hierop is ‘ja’ omdat de motivatie hiervan op angst gebaseerd is. Het ego heeft belang bij een bepaalde uitkomst.

Wat betekent het controleren van de toekomst eigenlijk?

Het controleren van de toekomst is het nastreven van een idee en/of doel in de denkbeeldige toekomst in de denkgeest. Door op dat idee en/of doel gericht te blijven en daarnaar te blijven streven, probeert het ego ervoor te zorgen dat het idee ook uitgevoerd en/of het doel ook bereikt wordt. De emotionele en/of fysieke gevolgen zijn van ondergeschikt belang voor het ego, waardoor er dus vaak fysieke en/of emotionele negatieve bijeffecten zijn.

Het primaire doel is het uitvoeren van het idee en het behalen van het doel. Daar draait het om en verder nergens anders om. Het ego gelooft dat nodig te hebben, ondanks het feit dat het ogenschijnlijk niet veel voorstelt (niets heeft betekenis) en/of negatieve emotionele en fysieke gevolgen heeft. Ik zal hieronder een paar voorbeelden geven die ik vandaag heb ervaren:

  • Ik moet koffie drinken, ondanks dat ik geen zin in koffie had op dat moment. Intentie: ik wil mij emotioneel beter voelen. Resultaat: ik voel mij fysiek gespannen en gestrest.
  • Ik moet vanavond zelfonderzoek doen. Intentie: via zelfonderzoek inzichten opdoen, vooruitgang boeken en mij goed voelen over mijzelf. Resultaat: ik voel mij opgejaagd, fysiek gespannen en gestrest.
  • Ik moet snel vanuit het park naar huis, terwijl ik daar eigenlijk nog geen zin in heb. Intentie: ik wil zoveel mogelijk dingen doen vandaag en zoveel mogelijk vooruitgang boeken, ook al geniet ik nu van mijn vrije tijd in het park. Resultaat: ik voel veel spanning en stress in het lichaam als ik naar het ego luister en met tegenzin naar huis fiets.
  • Ik prop mijzelf vol met twee stukken lasagne, terwijl ik aan een stuk eigenlijk voldoende heb en weet dat het beter voor mij is. Intentie: controle houden over hoe slecht ik mij intern voel. Resultaat: ik voel me opgelaten en volgepropt met eten. Ik heb moeite met concentreren en focussen op het zelfonderzoek omdat ik mij intern minder goed voel.

In alle vier de gevallen lijkt de intentie de werkelijke motivatie van het ego te zijn, maar schijn bedriegt. De voor de hand liggende intentie is niet waar het ego werkelijk om te doen is: controle van het hier en nu, oftewel controle willen hebben over de realiteit.

Het ego kan alleen bestaan in de tijd

In de realiteit kan het ego niet bestaan. Het ego kan alleen bestaan als verleden en toekomst en dient daar energie en tijd in te stoppen om zichzelf te kunnen handhaven. In de realiteit is er niets. De realiteit is het ondeelbare geheel, wat ook wel bewustzijn wordt genoemd. Het ego – dat zich constant met gedachten identificeert – kan alleen bestaan in een mentale constructie van de tijd; in het verleden of in de toekomst, maar nooit in het hiernu. In het hiernu kan wel een waarnemer met een energetisch lichaam bestaan, welke ook onderdeel is van het ego, maar deze is dan latent aanwezig.

Waarom probeert het ego de toekomst te controleren? Wat is de ware intentie van het ego? Wat probeert het ego ermee te bereiken? Wat heeft het ego nodig?

  • Zekerheid van bestaan in een wereld waarin elk moment alles kan gebeuren. De realiteit is onzeker en het ego kan de onzekerheid van het bestaan niet aan. Het ego kan niet bestaan in de onzekerheid van het bestaan, omdat het ego bestaat uit geprogrammeerde lagen die zich uiten in gedachte- en gedragspatronen. Deze patronen vormen de kern van wat het ego is: een beschermings- en controlemechanisme dat handelt vanuit angst, en zekerheid probeert te krijgen in een extreem onzeker bestaan: de realiteit, een plek waar het ego eigenlijk niet thuishoort omdat het een illusie van én in de denkgeest is.
  • Veiligheid van bestaan in een realiteit waarin het ego kwetsbaar is en constant gevaar loopt, omdat de realiteit onzeker is: niemand weet wat er elk moment kan gebeuren (of juist niet gebeurt). En die onzekerheid en angst is onverdraaglijk voor het ego.
  • Weten wat er gaat gebeuren, want daar ontleent het ego intellectueel en emotioneel niveau zekerheid aan. Dan hoeft het ego de onzekerheid van het bestaan – en daarmee de angst voor de dood – emotioneel niet te voelen.

Dus wat is de bottom line? Het ego probeert het verleden via de afweren (= illusies) ‘angstafweer’, ‘primaire afweer’, ‘valse hoop’-afweer, ‘valse macht’-afweer en ‘ontkenning van behoefte’-afweer in stand te houden. En daarnaast probeert het ego het heden via de toekomst met het ‘valse hoop’-mechanisme te controleren. Zowel het controleren van het verleden als het controleren van de toekomst zijn terug te (her)leiden naar de angst voor niet weten wat er gaat gebeuren → angst voor onzekerheid → angst voor het onbekende → angst voor de dood. ~ lzv

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *