13:00 – Even wat logica. Ik ken betekenis toe aan wat ik voel; ik ken betekenis toe aan mijn gevoel. Mijn gevoel is een bijproduct van wat ik geloof + gedachtepatronen + automatismen op intellectueel niveau. Mijn gevoel is een bijproduct van het verleden.
Ik wil mij goed voelen. Voor een deel is dat natuurlijk biologisch, omdat ik mijzelf anders in gevaar kan brengen en in het ergste geval zou kunnen doden. Als ik mijn vinger in vuur steek, dan trek ik die terug. Als ik gewond ben geraakt, dan voel ik fysieke pijn en dan doe ik het rustig aan en neem ik de tijd om te helen.
Dus: het biologisch lichaam zorgt autonoom voor het in stand houden van zichzelf en zorgt ervoor dat het lichaam geen (onnodige) schade wordt berokkend. Het fysieke lichaam geeft subtiele en duidelijke signalen af om zijn eigen overleving veilig te stellen. En het kan ook autonoom ingrijpen als er direct (levens)gevaar dreigt.
Het ego probeert zijn gevoel/lijden op te lossen
Het ego kan bepaalde (subtiele) signalen van het lichaam overreden met geloof. Daarom komen mensen bijvoorbeeld in een burnout terecht en duurt herstel vaak enorm lang. Of drinken mensen teveel alcohol of gebruiken teveel drugs, terwijl het lichaam al signalen heeft afgegeven dat het beter is om te stoppen. Allemaal egoshit.
Echter, waar het ego volledige controle over gelooft te hebben is de zelfgecreëerde binnenwereld. De emotionele binnenwereld die samenhangt met de zelfgecreëerde buitenwereld en het zelfbeeld. Zowel de interne als de externe wereld als het zelfbeeld hebben niets met ‘mij’ te maken, omdat ze relatief, veranderlijk en begrensd van aard zijn. Maar dat is niet zo het probleem…
Het probleem is dat ik (als persoon/ego) probeer controle te houden over hoe ik mij voel (mijn gevoel met emoties, gevoelens, spanningen, stress, pijn en lijden). Ik probeer controle te houden over mijn lijden → ergo, ik probeer mijn gevoel/lijden op te lossen, wat onmogelijk is want daarmee zie ik het als een probleem en houd ik het daarmee in stand (wat al bijna 30 jaar het geval is).
Uit de illusie van hoop komt de illusie van controle voort
Het zit m vooral in de illusie van hoop die uit de illusie van controle voortkomt. Een projectie van een beeld, herinnering, idee in de toekomst (wat ik zou willen/kunnen bereiken), als ik maar het ‘juiste’ inzicht, overtuiging en probleem vind. Als ik maar doorheb wat nu werkelijk het probleem is, dan zal ik het eindelijk kunnen oplossen. En dan zal ik eindelijk een einde kunnen maken aan mijn persoonlijk lijden en mij goed kunnen voelen. Als ik maar..
Ik kan alleen maar hoop hebben als ik geloof dat er nu iets mis is. Immers, als ik niet geloof dat er hiernu iets mis is, waarom zou ik dan hoop moeten hebben? Hoop waarop of waarvoor?
- De hoop dat het ooit allemaal voorbij zal zijn.
- De hoop dat er een einde komt aan mijn oneindige lijden.
- De hoop dat ik mij ooit gelukkig zal voelen.
- De hoop dat ik ooit verlichting zal bereiken.
- De hoop dat ik ooit mijzelf zal accepteren.
- De hoop dat ik ooit van mijzelf zal gaan houden.
- De hoop dat ik ooit mijzelf kan vergeven.
- And the list goes on and on…
Dus: in de kern geloof ik in meerdere problemen op emotioneel niveau. Mogelijke oplossingen of mijzelf andere prettige projecties voorspiegelen creëert de illusie van hoop dat er hiernu een andere ervaring mogelijk is op emotioneel niveau. Als ik maar dit of dat… Als ik maar aan mijn zelfgecreëerde en zelfingebeelde voorwaarden voldoe. En het streven naar die mooie ingebeelde oplossingen en ideeën creëert de illusie van controle. De illusie dat het echt mogelijk is én moet zijn als ik maar dit of dat…
Allemaal illusies.
De waarheid is dat er hiernu niets mis is met mij. Ik voel spanning, stress en wat pijn, maar dat betekent nog niet dat er niets mis is. En ook niets mis is met mij.
Dus: spanning, stress en pijn ervaren is oké.
Het ego ziet zichzelf als oplossing voor zelfafwijzing
Wat ik echter ook doe, is dat ik betekenis toeken aan de spanning, stress en pijn als ‘ik wijs mijzelf af’. Immers, als ik mij identificeer met het denken dan ontstaat er vaak spanning, stress en pijn. En wijs ik mijzelf dus af met spanning, stress en pijn als gevolg.
Het probleem is dat het ego een verband waarneemt dat klopt (identificatie leidt vaak tot spanning, stress en pijn) en dat het zichzelf als reden/oorzaak ervan ziet. En daarmee ook gelooft dat het de oplossing is of kan zijn als het maar dit of dat. Het ego is de reden/oorzaak van mijn spanning, stress, pijn en dus mijn lijden, maar het is zeker niet de oplossing. Het ego gelooft dat het zelfacceptatie kan bereiken, maar het ego begrijpt niet wat dat is omdat het zichzelf alleen kan afwijzen. Het ego kan zichzelf alleen afwijzen, omdat het zijn aard is. Zelfacceptatie is een idee, concept en gedachte die geen basis heeft in de realiteit. Zelfacceptatie kan bestaan als idee, maar heeft alleen betekenis als zelfafwijzing ook bestaat. En om zelfacceptatie te bereiken dien ik mijzelf volledig te accepteren. Accepteren als in het loslaten van de duale werkelijkheid van het denken die gebaseerd is op onverzoenbare – lees: conflicterende – tegenstellingen. Zelfacceptatie wijst naar iets wat alleen als idee of concept kan bestaan. Om zelfacceptatie te bereiken dien ik zelfs het idee van zelfacceptatie los te laten. Zelfacceptatie is voor het ego een baken van hoop. En hieruit komt de illusie van controle voort dat het mogelijk is om een staat van zelfacceptatie te bereiken (voor het ego).
De waarheid is dat het ego zichzelf alleen kan afwijzen. De waarheid is dat het ego alleen kan verkeren in een staat van zelfafwijzing. De waarheid is dat een staat van zelfacceptatie een illusie is. Zelfacceptatie bestaat niet als ervaring.
Er is niets mis met mij. ~ lzv